Paragrafen

Financiering

In deze paragraaf komen de onderwerpen aan de orde die behoren tot het geldstromenbeleid van de gemeente. Afhankelijk van de hoogte en de verwachte duur van het liquiditeitstekort of –overschot, wordt vermogen tijdelijk of langdurig aangetrokken of tijdelijk uitgezet. Het uitgangspunt bij het aantrekken van vermogen is dat de kasgeldlimiet optimaal benut wordt door indien noodzakelijk zoveel mogelijk kort vermogen aan te trekken. In de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) zijn drie wettelijke normen opgenomen waaraan de gemeente moet voldoen.

  • De gemeente mag niet te veel kort lenen (kasgeldlimiet).
  • De gemeente mag niet te veel risico lopen door leningen die tegelijk aflopen (renterisiconorm).
  • Overtollig geld (dat wil zeggen boven een drempelbedrag) moet de gemeente in de schatkist van het Rijk deponeren.

In deze paragraaf laten we zien dat we binnen deze regels blijven en lichten we ons rente- en risicobeleid toe.

Deze pagina is gebouwd op 06/08/2026 16:40:01 met de export van 06/08/2026 16:24:24